Leesvoer: meer disconnected dan ooit

Leestijd: 4 minuten

Een paar maanden geleden schrijf ik over de essaywedstrijd van de Radboud Universiteit. Ik deelde mijn oefenessay getiteld Hotel Mama. De wedstrijd is inmiddels afgelopen. Helaas heb ik niet gewonnen, maar ik wil wel graag mijn wedstrijdbijdrage delen. Het thema was ‘communicatie met een lach en een traan’ en ik kreeg drie uur de tijd om mijn essay te schrijven. Veel leesplezier!

Meer disconnected dan ooit

Ik denk dat de coronacrisis de basis is voor een interessant experiment. Een groot deel van de Nederlanders zit op dit moment in quarantaine. Voor mij betekent dat geen real-lifecontact met vrienden, klasgenoten en docenten. Huiswerkopdrachten worden bijvoorbeeld verspreid via onpersoonlijke mailtjes. Ik krijg er inmiddels een stuk of twintig (!) per dag. We hebben geen gesprekken meer in de pauze. We zijn allemaal losgekoppeld van elkaar.

We leven in een vreemde tijd. Ogenschijnlijk zijn we ontzettend goed verbonden. Iedereen deelt tegenwoordig lief en leed op Instagram, Facebook of Twitter. Dankzij supersnel internet weten we wat er in Australië gebeurt en als je wilt weten wat je beste vriend doet, kun je gewoon een appje sturen. Met #healthyfood zet je je ontbijtje online. Dertig likes. Een filmpje van je middagworkout levert dezelfde dag nog eens vijftig likes op. We genieten van al die digitale aandacht, maar als je door de clicks, views en likes heen prikt, wordt een zorgelijke ontwikkeling zichtbaar: eigenlijk zijn we meer disconnected dan ooit.

Denk maar aan alle protesten. Iedere week staat er tegenwoordig wel een groep op het Malieveld. Wij, de mensen, zijn verdeeld. We liggen niet meer op een lijn. We kunnen het zelfs niet meer eens worden over de kleinste dingen in het leven. Ik denk dat een deel hiervan te wijten is aan de steeds groter wordende rol van sociale media, elektronica en digitale innovaties in ons dagelijks leven. Volgens mij verdwijnen het gevoel en alle emotie uit de communicatie van mens tot mens. Dat is een flink probleem.

Laat ik eens wat voorbeelden langslopen. Neem nou WhatsApp. Ik ben zo iemand die bij iedere knipoogsmiley zich afvraagt of de opmerking een grapje of een serieus advies is. En als iemand een lachende smiley met traantjes stuurt, bedoelt iemand dan dat het zo slecht is dat je het bijna lachwekkend kunt noemen, of dat het juist supergrappig was? Om nog maar te zwijgen over de tekstberichten. Die zijn vaak zodanig ingekort dat er geen touw aan vast te knopen is. En de punten en komma’s? Die laten we massaal achterwege.

Nee, ik heb die persoonlijke interactie, in real-life, met mensen nodig. Alleen dan kan ik beoordelen hoe iemand écht over een bepaalde situatie denkt. Bovendien praat face-to-face gewoon een heel stuk prettiger: je kunt sneller op elkaar reageren, makkelijker om meer uitleg vragen en aan iemands houding zien wat hij ervan vindt. Een offline gesprek is dus veel dynamischer dan een whatsappconversatie en biedt ook nog eens een boel voordelen.

Daarbij komt dat ik feedback ontzettend belangrijk vind. Feedback is het begin van verbetering. Feedback helpt mensen beter te worden. Persoonlijk denk ik niet dat het mogelijk is om online op een goede manier feedback te geven en te krijgen. En dat is niet alleen omdat ‘goed gedaan!’ als feedback op een online huiswerkopdracht heel emotieloos overkomt of omdat ironie lastig te spotten is.

Online feedback staat namelijk direct in verbinding met ‘meteen je eerste gedachten uitspreken zonder dat je echt weet waar je over praat’. Een haattweet van 140 tekens is binnen enkele minuten getypt. Een haatreactie onder een foto op Instagram nog veel sneller. Tuurlijk, Instagram neemt maatregelen om cyberpesten tegen te gaan[1], maar de realiteit is dat het nog steeds gebeurt.

Eén ding mag duidelijk zijn: er zit een groot verschil tussen goede, opbouwende kritiek en haatreacties. Feedback is goed, haatreacties zijn waardeloos. Het feit dat mensen haatreacties plaatsen, leidt naar mijn mening tot een vicieuze cirkel. Er worden zinloze haatreacties geplaatst waardoor men de eerlijke, goede feedback gaat wantrouwen en er minder (persoonlijke) verbetering plaatsvindt. Dit heeft weer haat als logisch gevolg (“waarom heb je niets met mijn commentaar gedaan?”) Kortom, geef je feedback op een eerlijke manier, recht in iemands gezicht. Dat is in eerste instantie misschien best eng, maar het voorkomt een boel ellende.

Terug naar de actualiteit. Terug naar de coronacrisis. Op het journaal, in de kranten en in de dagelijkse updatemailtjes van de schooldirectie wordt gesproken over een uitzonderlijke situatie. “Die videolessen zijn maar voor enkele weken, no worries en stay safe allemaal!” Ik denk echter dat de huidige situatie een voorbeeld is van wat ons over enkele tientallen jaren staat te wachten: geen menselijk contact, alleen maar videolessen en communiceren via de sociale media.

We worden veel te afhankelijk van de digitale wereld en dat is echt heel zorgelijk. Hoe lang gaat het nog duren voordat alle scholieren van Nederland les krijgen van dezelfde docent, gewoon vanaf hun zolderkamer? Hoe lang gaat het nog duren voordat we volledig uit elkaar worden getrokken? Voordat we alleen nog maar kunnen praten via een computer of telefoon? Het lijkt niet meer de vraag te zijn of de menselijke maat gaat verdwijnen, maar wanneer.

Toch heb ik hoop. Ik heb hoop dat mensen tijdens deze coronacrisis inzien dat er meer is dan digitaal contact. Ik heb hoop dat mensen uiteindelijk weer gaan verlangen naar persoonlijke contacten, naar hun vrienden, familie en klasgenoten. Ik heb hoop dat we dit alles zien als waarschuwing: zo kan het met de mensheid aflopen als we onze ziel verkopen aan het internet. Ik heb hoop dat we, als we dit alles hebben overleefd, zeggen: “Dit nooit meer. Wij willen weer communicatie met gevoel en emotie. Wij willen communicatie met een lach en een traan!”

[1] ‘Instagram bestrijdt cyberpesten, maar de macht ligt bij de gebruikers’, Parool, 12 juli 2019.


Advertentie:
Share